Energietransitie: VNO-NCW, laat je achterban niet in de kou staan

In het plan ‘Energie voor de toekomst: van nota’s naar uitvoering’ houden VNO-NCW en andere werkgeversorganisaties een gloedvol betoog richting het (volgende) kabinet om te komen met een actiegerichte aanpak tegen klimaatverandering en financiële steun voor doorbraakprojecten.

Het is lovenswaardig dat VNO-NCW aanschuift in de lange rij van bepleiters van een voortvarende transitie naar een CO2-neutrale economie. Ze onderkent in haar plan dat de energietransitie een verdienmodel biedt en pleit voor de verduurzaming van de gebouwde omgeving, mobiliteit, industrie en agrosector, voor duurzame energieopwekking en financieringsinstrumenten.

Het is echter beschamend dat het plan niet veel meer is dan een presentatie van bestaand beleid zonder dit te vertalen naar concrete acties en verantwoordelijkheden voor de eigen achterban. In plaats daarvan wordt de ambitie en het tempo van de energietransitie naar beneden bijgesteld. Het is daarmee een schoolvoorbeeld van “meestribbelen” – niet meewerken aan een verandering, zonder dat het opvalt. Dit plan laat het deel van de eigen achterban dat werkelijk meters wil maken in de kou staan.

Juist nu het belang van de energietransitie begint door te dringen, houdt VNO-NCW de druk op het bedrijfsleven zo laag mogelijk, en verlegt ze de aandacht van serieuze maatregelen naar een roep om overheidssteun voor investeringen in zogenoemde doorbraakprojecten. Projecten waar het bedrijfsleven van wil gaan leren ‘hoe het moet’, terwijl we toch al een tijdje bezig zijn. Eén van deze projecten is bijvoorbeeld het klimaatneutraal maken van 100.000 woningen per jaar. Ook het verduurzamen van 8000 schoolgebouwen staat op het lijstje. Deze projecten zijn evident, maar de vraag is waarom dit ‘doorbraken’ zijn in de transitie vanuit het perspectief van VNO-NCW? Deze projecten zijn te weinig ambitieus (volgens het Rli moeten al in 2035 alle woningen klimaatneutraal zijn) en raken slechts zijdelings aan de echte kansen die de energietransitie voor het bedrijfsleven biedt. Veel grotere kansen liggen in het ombouwen en klimaatneutraal (of positief) maken van bedrijfsactiviteiten, en in het ontwikkelen van aantrekkelijke innovatieve oplossingen.

Van ondernemers verwacht je niet een ‘plan’ waarin financiering wordt gevraagd om gesubsidieerd werk uit te kunnen voeren, maar een plan waarin nieuwe concepten worden ontwikkeld en toegepast onder eigen verantwoordelijkheid en zónder overheidssteun. Dat zet veel meer zoden aan de dijk en biedt perspectief. Een mooi doorbraakproject in het genre van de gebouwde omgeving zou zijn om grootschalig en waardegericht te gaan investeren in verduurzaming van alle kantoorgebouwen.

Dit “deltaplan” gaat voorbij aan de urgentie van de zaak. Het doet geen recht aan het ondernemerschap en de innovatiekracht van Nederland. Als we de transitie blijven afdoen als “kosten” voor de overheid, in plaats van aantrekkelijke investeringen in vernieuwing en toekomstige concurrentiekracht, dan komen we er niet. Zo blijven we in Europa onderaan bungelen.

Ook gaat het plan voorbij aan de noodzaak om op korte termijn marktcondities te creëren die een omslag naar een klimaatneutrale economie structureel aantrekkelijker maken dan doorgaan met een fossiele economie. Die condities ontbreken nu, en dat blijkt: vorige week meldde het CBS dat Nederland juist weer méér CO2 uitstoot: in het vierde kwartaal van 2016 maar liefst 7,3% meer dan in het vierde kwartaal van 2015. De transportsector, de chemiesector, de landbouwsector: allemaal scoorden ze slechter dan vorig jaar.

Ondernemers die de kansen van de energietransitie echt willen benutten pleiten voor een CO2-heffing in Nederland en belastingmaatregelen om snel de business case van duurzame oplossingen structureel te verbeteren. Zij steunen de invoering van een ambitieuze klimaatwet die zekerheid biedt aan investeerders. Ze investeren in innovatie en zorgen zelf voor schaalvoordelen in de uitvoering. Ze maken de sprong naar voren, zowel voor de Nederlandse concurrentiekracht als voor werkgelegenheid. Met hoge ambities en een duurzaam investeringsklimaat wordt Nederland een magneet voor innovatieve mensen en bedrijven. We moeten niet bang zijn om ambitieuzer te zijn dan andere landen. Door nú echt in te zetten op een duurzame economie creëren we banen en een robuuste economie.

Dus VNO-NCW, doe mee! Toon leiderschap en neem je verantwoordelijkheid. Dan doe je recht aan je achterban en de titel van je plan.

Marjolein Demmers

Directeur De Groene Zaak – Ondernemers voor een duurzame economie

 

 

Tweet about this on TwitterShare on FacebookShare on LinkedIn